close
Share with your friends

Zelfonderzoek bij fraude, een goed idee?

Zelfonderzoek bij fraude, een goed idee?

Het OM ziet in de toekomst graag dat bedrijven zelf onderzoek laten doen bij fraude- en corruptiezaken. Wat zijn de voordelen en risico’s van zelfonderzoek?

Gerelateerde content

Man in black suit looking through Binoculars

Het Openbaar Ministerie (OM) ziet in de toekomst graag dat bedrijven onderzoek laten doen door zelf ingehuurde advocaten bij fraude- en corruptiezaken.[1] Dit ontlast de FIOD en zorgt voor een snellere afwikkeling van lopende zaken. Maar er klinkt ook kritiek. Is een advocaat ingehuurd door een partij wel onafhankelijk genoeg om goed onderzoek naar die partij te doen? In de Verenigde Staten is er meer ervaring met zelfonderzoek en zijn er regels vastgelegd die de onafhankelijkheid waarborgen. Wat zijn de voordelen en risico's van zelfonderzoek als dat in Nederland wordt toegepast?

Wat is zelfonderzoek?

Bij (vermoedens van) fraude en corruptie doet de FIOD onderzoek en besluit het OM om eventueel te vervolgen. Als dit onderzoek niet door de FIOD, maar door de bedrijven zelf wordt gedaan, dan spreekt men van zelfonderzoek. Dit onderzoek wordt meestal gedaan door een externe partij, zoals een advocatenkantoor of een forensisch accountant. Deze partijen hebben specialistische kennis in huis voor het uitvoeren van dit type onderzoeken en hebben vaak specialistische tooling tot hun beschikking voor het doorzoeken van grote hoeveelheden data. Het OM kan, na validatie van de onderzoeksresultaten, eventueel steunen op het rapport voor het bepalen van eventuele vervolging of het doen van een schikkingsvoorstel.

De voordelen

Het overlaten van het doen van onderzoek aan de partijen zelf heeft een aantal voordelen. In de eerste plaats zijn zelfonderzoeken veel efficiënter. De onderzochte partij kent namelijk als geen ander de structuur van de organisatie en weet waar de relevante informatie staat opgeslagen. Aan de kant van de FIOD levert dit een verlichting van de werklast op, waardoor de rechercheurs zich meer kunnen focussen op het beoordelen van de informatie in plaats van het verkrijgen van informatie, wat vaak een tijdrovende exercitie is.

Aan de kant van de bedrijven levert het in de eerste plaats discretie op en daarmee het voorkomen van mogelijke reputatieschade. Daarnaast zijn de directie en eventuele andere stakeholders ook eerder op de hoogte van eventuele fraude en corruptie, waardoor sneller interne maatregelen kunnen worden getroffen. Tot slot levert het bedrijven vaak strafvermindering op als zij de FIOD en het OM aantoonbaar goed hebben ondersteund bij het doen van onderzoek.

De risico's van zelfonderzoek

Er kleven ook risico's aan het doen van zelfonderzoek. In de eerste plaats hebben zelfonderzoeken, zeker als ze zijn uitgevoerd door advocaten, op zijn minst de schijn van niet volledige onafhankelijkheid. De advocaat dient in de eerste plaats primair de belangen van zijn cliënt en die komen niet altijd overeen met de uitkomsten van het onderzoek. Onderzoeksresultaten zullen dus altijd door de FIOD of het OM moeten worden gevalideerd en zo nodig worden uitgebreid alvorens ze gebruikt kunnen worden voor het bepalen van vervolgstappen.

Ook het verschoningsrecht speelt een rol: een advocaat kan zich hierop beroepen, waardoor de FIOD geen inzage krijgt in de redenering van de uitkomsten van het onderzoek. Dit belemmert de transparantie en maakt het mogelijk ingewikkelder om verantwoordelijken van bepaalde misstanden aan te wijzen. Richtlijnen over de samenwerking tussen advocaten en justitie zouden bij kunnen dragen aan het verbeteren van de transparantie, zoals vastgelegd naar Amerikaans voorbeeld in de Corporate Enforcement Policy.

In Nederland neemt het aantal zelfonderzoeken toe. Advocatenkantoren en de FIOD spreken hier positief over, met name doordat de efficiëntie en effectiviteit van de onderzoeken toenemen. Er klinkt echter ook kritiek, vooral met betrekking tot de afhankelijke positie van de advocaten ten opzichte van hun klant. Het vastleggen van richtlijnen over de samenwerking tussen advocaten en justitie kan bijdragen aan de transparantie en de betrouwbaarheid van de zelfonderzoeken. Echter, het laatste woord ligt altijd bij het OM. Het OM moet bepalen of zelfonderzoek zich leent voor de situatie of dat het onderzoek gedaan moet worden door de FIOD.

© 2020 KPMG N.V., registered with the trade register in the Netherlands under number 34153857, is a member firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative ('KPMG International'), a Swiss entity. All rights reserved. KPMG International Cooperative ('KPMG International') is a Swiss entity. Member firms of the KPMG network of independent firms are affiliated with KPMG International. KPMG International provides no client services. No member firm has any authority to obligate or bind KPMG International or any other member firm vis-à-vis third parties, nor does KPMG International have any such authority to obligate or bind any member firm.

Neem contact met ons op

 

Wilt u een offerte van ons ontvangen?

 

loading image Offerteaanvraag (RFP)