Pensioenfondsbestuurders maken zich zorgen over toenemende administratiekosten in de transitie naar nieuwe pensioenregelingen. De helft durft niet te beloven dat administratiesystemen op tijd ingericht zijn voor het nieuwe pensioenstelstel. Ook pleit 68% van de pensioenbestuurders voor meer aandacht voor communicatie naar deelnemers over verwachte pensioenuitkomsten en te nemen keuzes als onderdeel van de zorgplicht. Tegelijkertijd heeft het merendeel (73%) vertrouwen in een succesvolle transitie naar een nieuw pensioenstelsel. Dat blijkt uit het KPMG onderzoek ‘Status Pensioentransitie’ onder bestuurders van 59 Nederlandse pensioenfondsen.

Wat verder opvalt, is dat de meerderheid van de pensioenbestuurders nog niet weet welke pensioenregeling voorkeur gaat krijgen. Zoals het er nu naar uitziet, verwacht 75% van de pensioenbestuurders dat het solidaire contract populairder wordt dan de flexibele pensioenpremieregeling. Niet meer dan 20% zal naar verwachting kiezen voor de flexibele regeling. Voor sociale partners is het nog te vroeg hun voorkeur uit te spreken, leert het KPMG pensioenonderzoek.

“In de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel hebben pensioenfondsen een enorme klus te klaren. Ze moeten aan veel knoppen tegelijk draaien. Daarbij is er sprake van complexe materie die niet altijd eenvoudig uit te leggen is aan deelnemers in ons digitale tijdperk. Dat vraagt veel van adequate processen, systemen en goede datakwaliteit. Opmerkelijk is de overtuiging van pensioenbestuurders dat het nieuwe pensioenstelsel geen vermindering van administratieve lasten gaat opleveren, terwijl dat bij wet wel de belofte is. We hebben dus nog flink veel uitdagingen aan te gaan,” vertelt Monica Swalef, partner en Head of Pensions Advisory van KPMG.

Waar de kosten tijdens de transitie nu enorm oplopen, verwacht 90% van de pensioenfondsen dat deze kosten gaan dalen zodra de nieuwe pensioenregelingen van kracht zijn. Echter, slechts 22% van de pensioenbestuurders voorziet dat de administratielasten bij het nieuwe pensioenstelsel lager zijn dan de kosten onder de oude pensioenregeling.

Over het pensioenonderzoek

Negenenvijftig pensioenbestuurders en directeuren hebben deelgenomen aan dit KPMG onderzoek dat in mei  2022 heeft plaatsgevonden. Een derde van de deelnemende pensioenfondsen heeft een belegd vermogen van 500 miljoen tot 5 miljard euro. 29% van de overige respondenten heeft een belegd vermogen van 5 tot 15 miljard euro. 12 deelnemers hebben meer dan 15 miljard belegd vermogen. Negen kleinere deelnemende pensioenfondsen beschikken over een vermogen van minder dan 500 miljoen euro.

Meer informatie is beschikbaar in het onderzoeksrapport ‘Status Pensioentransitie’.

Voor nadere informatie

Jolanda Peek, 06 5232 7513 of per e-mail.