• Anna van Poucke, Partner |
  • Karin Vernooij, Senior Manager |

4 minuten leestijd

Rigide maatregelen waren nodig om de tijdelijke druk op de zorg door COVID-19 binnen de perken te houden. Maar bij onveranderd beleid kunnen bevolkingsgroei en vergrijzing zorgen voor structurele overbelasting. Een verandercultuur, andere financiële prikkels en oog voor gezamenlijk belang kunnen de naderende zorgkloof nog afwenden.

Dat blijkt uit de publicatie 'Wie doet het met wie – Krapte vraagt creativiteit' van KPMG. Het onderzoek werd gepresenteerd in een KPMG webinar op 19 januari, met als speciale gast Marian Kaljouw, voorzitter van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa).

Stijgende zorgvraag

De combinatie van de toenemende zorgvraag en een tekort aan financiële en personele middelen kan op termijn leiden tot grote problemen. In 2040 zal de Nederlandse bevolking zijn gegroeid tot 19 miljoen inwoners, waarvan een kwart 65 jaar of ouder zal zijn. Dit leidt tot een stijging van de zorgvraag met 34 procent, terwijl het aantal zorgprofessionals naar verwachting licht zal dalen.

"Een transformatie van het zorglandschap is noodzakelijk om deze kloof te dichten", concludeert het KPMG-onderzoek.

Het rapport geeft antwoorden op vragen als 'Welke beweging is nodig om zorg echt in de juiste setting en dicht bij de burger te gaan organiseren?', 'Hoe kunnen we de stijgende zorgvraag opvangen binnen hetzelfde (of zelfs minder) budget?' en 'Hoe kunnen we de belemmeringen van de transformatie in de zorg omzetten in versnellers?'. Het onderzoek is gebaseerd op de internationale kennis en ervaring van KPMG-specialisten en uitgebreide interviews met de belangrijkste spelers in het veld.

Data biedt kansen

Wat we bij de coronacrisis in het klein zien, kan over twintig jaar zomaar de nieuwe realiteit zijn, waarschuwde Karin Vernooij, Senior manager van KPMG Health, in het webinar. Toch is dat nog geen gegeven; er is nog tijd en een arsenaal aan technologische mogelijkheden om het tij te keren. De grootste uitdaging én kans ligt in de implementatie van data en technologie. Die overtuiging wordt breed gedeeld onder zorgbestuurders, bleek uit een live peiling onder de 150 deelnemers.

Ook Marian Kaljouw van de NZa denkt dat de zorg het niet gaat redden zonder data. In gesprek met Anna van Poucke (Global Head of Healthcare, KPMG International) haalde ze het voorbeeld aan van het dataportaal dat de NZa coördineert en vorig jaar heeft opgezet ten tijde van de covid-crisis. Zonder dit systeem, dat twee keer per week wordt gevuld met data uit ziekenhuizen, zou er landelijk en regionaal  geen zicht zijn op de capaciteit voor reguliere zorg en daarmee op de verdringing van de reguliere zorg. Kaljouw noemde het systeem levensreddend en een garantie voor de burger dat hij de zorg krijgt die nodig is.

Data en technologie hebben daarnaast de potentie om dezelfde zorg te leveren tegen lagere kosten. Een voorbeeld hiervan is de 'Empathische Woning', een proefwoning in Arnhem die door middel van domotica ('ongedwongen digitale ondersteuning') dementerende ouderen in staat moet stellen om langer zelfstandig te blijven wonen.

Belemmeringen

Maar technologie kan niet het antwoord zijn zolang tegengestelde belangen een obstakel blijven vormen voor verandering. "De ervaring leert dat belemmeringen vooral voortkomen uit bestaande patronen en belangen, onzekerheid over uitkomsten en de gevolgen daarvan en het ontbreken van heldere en inspirerende toekomstbeelden", aldus het KPMG-rapport.

Kaljouw pleitte voor een open gesprek hierover, maar benadrukte dat het niet bij praten kan blijven. Het poldermodel, zei ze, vormt niet altijd een garantie voor een compromis of het beste resultaat. Kaljouw is daarom voorstander van 'een vorm van doorzettingsmacht' die knopen doorhakt.

Verandercultuur

Om de transformatie naar een toekomstbestendige zorgsector te versnellen breekt het KPMG-rapport een lans voor het verplaatsen van de zorg naar de juiste setting. De eigen woning en buurt vormen daarbij het ankerpunt en wonen, welzijn en zorg worden geïntegreerd. De nadruk ligt op een preventieve benadering en eigen verantwoordelijkheid, met een meer flexibele inzet van zorgprofessionals. Integrale teams werken samen aan integrale KPI's.

De zorgsector zelf moet zich daarvoor 'een verandercultuur' eigen maken, met een hoofdrol voor leiderschap, dialoog en technologie. Verzekeraars en gemeenten zouden in onderling overleg KPI's moeten afstemmen voor specifieke doelgroepen of diagnosegebieden. Op basis hiervan kunnen nieuwe contractvormen en passende samenwerkingsverbanden worden bedacht. Tenslotte is er behoefte aan een duidelijke governancestructuur met voldoende mandaat.

De opkomst van data leidt onvermijdelijk tot een andere rol voor de zorgprofessional. Als zorg digitaal kan en de resultaten zijn goed, dan is er volgens Kaljouw geen reden om die zorg 'fysiek' te blijven verlenen. Tegelijkertijd moet de menselijke maat leidend blijven. Als een zorgprofessional verantwoord een andere keuze wil maken, dan moet hiervoor ruimte blijven. De professionele autonomie, zo klonk het tijdens de webinar, blijft ook in de toekomst onverminderd overeind.

Meer informatie

Neem voor meer informatie over dit onderwerp contact op met Anna van Poucke of Karin Vernooij.