close
Share with your friends
burgers in stad

Smart City: slechts zo slim als haar mensen

Smart City: slechts zo slim als haar mensen

Het aanpakken van de grote maatschappelijke uitdagingen van de toekomst – zoals geschetst in het eerste artikel van onze smart city reeks - werd in het verleden vaak gezien als een exclusieve verantwoordelijkheid van de overheid. Nochtans kunnen de grote en complexe maatschappelijke uitdagingen van de 21ste eeuw, zoals klimaatverandering of overbevolking, niet alleen aan de overheid toegeschreven worden en vormen zij een gedeelde verantwoordelijkheid, die gedragen moet worden door de verschillende betrokken (stedelijke) actoren. Hierbij is een grote rol weggelegd voor de Quadruple Helix (QH).

De Quadruple Helix: een samenspel van actoren

De term Quadruple Helix verwijst naar een model waarbij de verschillende relevante actoren van het stedelijk ecosysteem, elk vanuit hun rol, samenwerken. De vier actoren die onderscheiden worden binnen dit model zijn de overheid, de industrie (ondernemingen), kennisinstellingen en de burgers.

Deze verschillende actoren moeten vanuit hun collectieve intelligentie en samenwerking de grootschalige en complexe (lokale) uitdagingen van de 21ste eeuw aanpakken, elk met een eigen invalshoek en achtergrond. Een uitmuntend voorbeeld hiervan is de hoofdstad van Oostenrijk, Wenen. Zo werd in 2012 bij de opstart van een strategieformulering iedere actor van de Quadruple Helix uitgebreid geconsulteerd voor de opmaak en actualisatie van het ‘Smart City Wien Strategy Framework’.

Samenwerking tussen de overheid en haar belangrijkste lokale stakeholders lijkt heel logisch, maar is allerminst evident. Zo blijkt uit de praktijk dat er frequent tegenstrijdige of niet samenlopende belangen zijn die de nodige problemen voortbrengen. Lokale overheden zijn bijvoorbeeld op hun hoede voor commercieel ingestelde bedrijven en het fenomeen ‘vendor lock-in’. Daarnaast biedt het ‘one size fits all’ aanbod van Smart City bedrijven niet steeds een antwoord op de concrete en vaak verschillende lokale uitdagingen van iedere stad. Bovendien beschikken steden (en hun ambtenarenkorps) niet altijd over de nodige uitgebreide technologische, digitale en datagerelateerde vaardigheden om zelf een gegronde afweging te maken tussen de mogelijkheden en/of gevaren van verschillende op de markt aangeboden technologieën. Er kan dus gesteld worden dat er momenteel een zekere “mismatch” bestaat tussen de vraagzijde naar en de aanbodzijde van Smart City oplossingen.

Om als lokale overheid een volwaardig partnerschap met één of meerdere technologieleveranciers aan te gaan en de samenwerking en wederzijds begrip tussen actoren te stimuleren, kan het interessant zijn om (gestandaardiseerde) samenwerkingsmodellen uit te werken. Mét de verschillende actoren uit het stedelijke ecosysteem.

Een publiek-private samenwerking

Het bundelen van de verschillende invalshoeken van actoren is dus een positieve zaak, omdat het de adoptie en creativiteit verhoogt. In Kopenhagen zijn verschillende publiek-private partnerschappen ontstaan, zoals o.a. het Copenhagen Solutions Lab waarbij het bestuur een langetermijnsamenwerking opzette met bedrijven en universiteiten om een testlaboratorium voor open innovatie binnen de stad op te richten.

Het opzetten van samenwerkingsverbanden met universiteiten biedt verschillende mogelijkheden. Enerzijds omwille van het vermogen van universiteiten om op (inter)nationaal niveau nieuwe kennis te produceren die relevant is voor de ontwikkeling van o.a. Smart City toepassingen. Zo heeft onderzoekscentrum Imec in Vlaanderen een gespecialiseerde Smart City afdeling, genaamd City of Things, dat zich onder meer toelegt op het testen, ontwikkelen en uitrollen van verscheidene Smart City toepassingen. Anderzijds vanwege hun bekwaamheid om mensen op te leiden tot bijvoorbeeld technologie- of data-experts. Toch blijken onderzoekscentra, universiteiten en andere kennisinstellingen wereldwijd momenteel nog onvoldoende vertegenwoordigd in het Smart City landschap.

Samenwerkingsverbanden tussen de verschillende actoren en lokale overheden zijn niet de enige die aandacht verdienen. Vanwege de enorme diversiteit in zowel de aanwezige uitdagingen als in de mogelijke technische oplossingen, zijn er allerhande start- en scale-ups ontstaan, die inzetten op het ontwikkelen van creatieve en veelbelovende oplossingen. Bijgevolg zijn er heel wat bedrijven die parallel werken of net diensten of producten ontwikkelen die complementair zijn aan mekaar en elkaars aanbod dus kunnen versterken. Het stimuleren van samenwerkingsverbanden tussen deze bedrijven kan op termijn leiden tot een kwalitatiever en meer geïntegreerd aanbod, op maat van de lokale besturen.

De rol van de burger

De moeizaamste en tot nu minst aanwezige samenwerking blijkt in veel steden deze met de burgers te zijn. Het Smart City verhaal is finaal bedoeld om de levenskwaliteit van de burger te verhogen, maar het in co-creatie samenwerken met en betrekken van de burgers, blijkt voor veel steden een moeilijke opgave. Burgers zouden doorheen het proces – gaande van de strategieformulering, het in kaart brengen van gebruikerseisen van potentiële toepassingen, het ontwerpen en verfijnen van oplossingen tot het evalueren van de prototypes en bijsturen van de strategie – veel meer betrokken moeten worden.

Steden als Singapore, Barcelona, Stockholm en Tallinn zijn, net als Wenen, reeds tot dit inzicht gekomen en zetten heel sterk in op ‘connected citizens’, ‘citizen involvement’ en de uitbouw van een ‘networked government’. Zo gebruikt in Tallinn quasi de hele bevolking de website van de stad en worden er via deze weg een breed scala aan publieke diensten aangeboden, waaronder de mogelijkheid tot het beheren van de eigen persoonlijke ‘digitale identiteit’ en zelfs ‘online trouwen’. Barcelona tracht zijn burger te bereiken met behulp van Decidim.Barcelona, een digitaal democratisch platform dat burgers in staat stelt te debatteren over stedelijke oplossingen, deel te nemen aan de besluitvorming en het toekomstig beleid van de stad mee vorm te geven. Ook Stockholm denkt opnieuw na over zijn sociaal contract met de burgers bij het uitrollen van nieuwe technologie en laat de burgers in verscheidene ‘Living Labs’ mee denken over mogelijke waardevolle toepassingen van een bepaalde technologie, om hen vervolgens deel uit te laten maken van het ontwerp en de gebruikerstesten van de ontwikkelde applicatie.

Een stad die er niet in slaagt om zijn burgers mee te nemen in het ‘smart’ verhaal, kan zichzelf bijgevolg bezwaarlijk slim noemen. Daarom luidt het advies voor (lokale) overheden om verder te investeren en te blijven inzetten op burgerconsultatie, -inclusie en -participatie. Citizen science is hierbij een uitermate interessante piste, met het Curieuzeneuzen project als een uitstekend Vlaams voorbeeld.

Als conclusie kan er gesteld worden dat een stakeholdermapping en –consultatie de basis vormt van de uitbouw van een vruchtbaar en collaboratief ecosysteem, om een initieel zicht te krijgen op alle mogelijke waarde toevoegende lokale actoren en de capaciteit(en) die elk van hen mee aan tafel brengt. Vervolgens kan er, bij voorkeur in co-creatie, een governance-model tussen de overheid en de voornaamste betrokken actoren in de transitie naar een Smart City uitgewerkt worden. Dit governance-model vormt, in tandem met het strategie- en visiedocument, de blauwdruk voor de verdere taak- en rollenverdeling tussen de verschillende actoren van de Quadruple Helix en de basis voor de verdere opschaling van Smart City initiatieven.

Een dergelijk governance-model vraagt dus alineëring en samenwerking overheen alle verschillende niveaus en departementen van de (stedelijke) overheid en tussen stedelijke stakeholders, belangengroepen en de private sector, met als doel de uitwerking van een door de participanten (leden van de Quadruple Helix) gedeelde en onderschreven visie. Deze gedeelde visie heeft betrekking op een grote verscheidenheid aan thema’s, van economie tot het sociale, het financiële, milieu, onderwijs, digitale connectiviteit, transport, huisvesting, enzovoort. Vanwege deze grote diversiteit aan thema’s en beleidsdomeinen, is een holistische aanpak en een duidelijke strategie van groot belang in de uitbouw en opschaling van een Smart City. Aangaande deze strategie, kan u meer terugvinden in het volgende en laatste artikel van deze reeks.

Dit artikel is onderdeel van een reeks artikelen ter inleiding in het uitermate brede en gedifferentieerde spectrum van Smart City. Mocht één van de artikelen of behandelde thema’s u verder interesseren verwelkomen wij u graag op de nieuwste editie van Café Public, een initiatief van de KPMG publieke sector praktijk.

Neem contact met ons op