close
Share with your friends

Hoge staatsschuld en slechte transportinfrastructuur belemmeren Belgisch groeipotentieel

Belgische groeipotentieel belemmert

Vandaag lanceert KPMG de editie 2019 van de Growth Promise Indicators (GPI). België haalt de top 20 met een 16de plaats.

Gerelateerde content

Railroad
  • Europa levert de topscorers aan in de GPI ranking: Zwitserland in pole position op één, Nederland op een opvallende tweede plaats.
  • Singapore komt met een derde plaats als enig niet –Europees land de top 5 binnen.
  • Veel van de grote mondiale economieën halen de top 10 niet: Duitsland (11), Japan (17), Verenigde staten (20) en Frankrijk (21).
  • België haalt de top 20 met een 16de plaats. Matig tot slechte scores op parameters ‘infrastructuur’ (vnl. transport, weg- en spoorinfrastructuur) en ‘macro-economische stabiliteit’ (vnl. hoge staatsschuld) halen totaalscore omlaag. 

 

Vandaag lanceert KPMG de editie 2019 van de Growth Promise Indicators (GPI). Met de GPI neemt KPMG het groeipotentieel van 180 landen onder de loep door middel van vijf indicatoren: macro-economische stabiliteit, de openheid en de wil om te hervormen, de kwaliteit van de infrastructuur, het menselijk kapitaal en de institutionele sterkte. Het rapport stelt vast dat de GPI koplopers wereldwijd verspreid zijn met zowel Aziatische als Europese landen in top 10 posities. Met een totale GPI indexscore van 7.6 staat België voor het vijfde jaar op rij in de top 20 van de GPI ranglijst. “Ons land haalt opnieuw de top 20 en handhaaft haar positie. Dat is positief maar er is marge voor verbetering. Willen we onze positie op het wereldtoneel behouden, moeten we blijvend inzetten op de kwaliteit van onze infrastructuur, toekomstgericht onderwijs en de aanpak van onze staatsschuld.” aldus Koen Maerevoet, CEO KPMG België. 

Algemeen

Zwitserland voert de ranking aan, gevolgd door Nederland. Verder in de top 10 zien we dat Luxemburg en Finland haasje-over doen met Noorwegen. We stellen dit jaar ook vast dat Mauritius, de Bahamas en Zuid-Korea aanzienlijke voortgangen boeken.

Investeringen in infrastructuur, voornamelijk op vlak van “technology readiness” blijken erg lonend voor Zuid-Korea: van alle ontwikkelde landen boeken zij de grootste vooruitgang in de GPI ranking. Het engagement van India voor meer transparantie en betere zakelijke rechten (zoals eigendomsrechten en intellectuele eigendomsrechten) doet het land vier plaatsen stijgen in de GPI rangorde. De Verenigde Arabische Emiraten klimmen ook vier plaatsen dankzij voortgang geboekt op het vlak van infrastructuur, hoofdzakelijk transport.

België

Ons land staat op de 16de plaats met een totale GPI indexscore van 7.6/10. Hiermee staat België voor het vijfde jaar op rij in de top 20 van de GPI ranglijst. Een mooie positie maar er is ruimte voor verbetering.

Voor macro-economische stabiliteit scoort ons land opvallend laag (3,2/10). Dit komt uiteraard door opgestapelde begrotingstekorten die geleid hebben tot onze historisch hoge staatschuld. Onze schuldenberg bedraagt momenteel meer dan 100% van het BBP. Dit beïnvloedt onze totaalscore bijzonder negatief. Deze slechte score wordt gecounterd door een opvallend hoge score voor de parameter ‘openheid’. België scoort met de maximale score van 10 bijzonder hoog voor openheid naar internationale handel.

Voor de pijler infrastructuur scoort België 7,8 punten en plaatst zich daarmee op een 21ste positie wereldwijd. De algemene score vertoont een stabiele stijging van 1.1 punten sinds 2013. Een vergelijking met Zwitserland (9,04 – positie 1) en Nederland (8,7 – positie 2) leert ons dat een inhaalbeweging mogelijk is. Binnen de pijler ‘infrastructuur’ zien we dat de score voor de kwaliteit van transport erg laag is: voor weg (5,6)- en spoorinfrastructuur (5,2) slagen we maar slechts met de hakken over de sloot. Een goede transportinfrastructuur zal een steeds belangrijkere factor worden voor economisch succes. Landen die hierop slecht scoren zullen in de toekomst aan concurrentievoordeel inboeten.

“Continue inzet op de verbetering van onze infrastructuur zal ook tijdens een volgende legislatuur nodig blijven, willen we onze economische positie op het wereldtoneel consolideren”, aldus Koen Maerevoet. “Het verminderen van investeringen in infrastructuur lijkt misschien een logische reactie in tijden van economische bezuinigingen maar overheden moeten er zich van bewust zijn dat dit tot valse besparingen kan leiden op lange termijn. Ook de milieuagenda zal steeds meer het transportbeleid van overheden gaan beïnvloeden.”

De institutionele sterkte van ons land is behoorlijk goed. Met een score van 7,6 op 10, plaatsen we ons vóór Frankrijk. België is opvallend sterk op het vlak van ‘zakelijke rechten’ (8,0) en ‘controle op corruptie’ (8.0). We lopen wel fors achter als het aankomt op ‘transparantie in beleidsvoering’. Daarop buizen we met een score van amper 4,7 op 10.

Voor de pijler ‘menselijk kapitaal’ haalt ons land een score van 8,1/ 10. Daarmee bevinden we ons op de 14de plaats in de wereld. Deze positie is status quo met de voorgaande jaren.

“Stilstaan is achteruitgaan”, besluit Maerevoet. “We moeten onze mensen klaarstomen voor de toekomst. De snelle opkomst van technologie en de daarmee gepaarde innovaties, veroorzaken veel ontwrichting op de markt. Mensen met de juiste skills en kennis zijn de motor die onze economie verder laten groeien. De overheid en bedrijven moeten daarom blijvend inzetten op kwaliteitsvol onderwijs en toekomstgerichte opleidingen. Investeren in menselijk kapitaal, in onze eigen knowhow levert onze economie op termijn een beter rendement en wapent ons voor de toekomst.”

© 2019 KPMG Central Services, een Belgisch Economisch Samenwerkingsverband (“ESV/GIE”) en lid van het KPMG netwerk van zelfstandige ondernemingen die verbonden zijn met KPMG International Cooperative (“KPMG International”), een Zwitserse entiteit.

Neem contact met ons op

 

Wilt u een offerte van ons ontvangen?

 

Offerteaanvraag (RFP)