Duurzaamheid: op welke golf willen we meesurfen? - KPMG Belgium
Windmill

Duurzaamheid: op welke golf willen we meesurfen?

Duurzaamheid: op welke golf willen we meesurfen?

Duurzaamheid: op welke golf willen we meesurfen?

Mike Boonen | Partner,

Milieurisico's domineren nu al jarenlang het WEF Global Risks Report, en in 2019 is dit niet anders. Ondanks de steeds luider wordende waarschuwingen van activisten, lijkt onze wereld te slaapwandelen naar een klimaatcrisis – zo lijkt het althans als we een pessimistische, cynische blik werpen op de milieu-aspecten van duurzaamheid. In het meer optimistische pleidooi voor gezond verstand en wetenschap van Steven Pinker in Enlightenment Now, richt hij zich op de maatschappelijke aspecten van vooruitgang voor welvaart. Kunnen gezond verstand en wetenschap ook onze planeet redden voordat het te laat is?

Om de exponentiële groei van de mens op aarde te ondersteunen, hebben we de fout gemaakt wereldwijd een lineair economisch model aan te nemen gebaseerd op fossiele brandstoffen. Het vraagt ons als mensen enige tijd om deze beginnersfout in te zien en onze heilige huisjes [PV1] te slopen, zeker in een context van geopolitieke spanningen. Toch maken we beetje bij beetje de overgang naar een circulaire economie op basis van hernieuwbare energie.

Onze vooruitgang op het vlak van hernieuwbare energie werd in het bijzonder voortgestuwd door de wezenlijke bijdrage van energie uit waterkracht. Daarnaast zijn nieuwe ontwikkelingen in opkomende markten een drijvende kracht achter de sterke groei van wind- en zonne-energie. Waar het vroeger te duur werd geacht om uit te breiden buiten de gesubsidieerde nichemarkten, doen wind- en zonne-energie het nu beter dan conventionele energiebronnen op het vlak van kostprijs en benaderen ze steeds meer de prestaties dankzij soms haast onzichtbare (nano)technologische innovaties. Ook de prijspariteit wordt gelijkaardig, zowel op het elektriciteitsnet als los ervan – hoewel offshore windenergie en geconcentreerde zonne-energie uitzonderingen blijven.

Dat gezegd, zowel de overgang naar hernieuwbare energie als die naar een circulaire economie heeft nog een lange en soms moeilijke weg te gaan. Zelfs met de voorspelde groeipercentages met dubbele cijfers, zou het aandeel van hernieuwbare energie ten opzichte van de wereldwijde vraag maar twaalf procent bereiken tegen 2023. Daarnaast is ons huidige economische model maar voor zo'n tien procent circulair, terwijl dit ongeveer tachtig procent moet bedragen om materiaalstromen en energie los te koppelen van economische groei, gecombineerd met een totale jaarlijkse groei van het materiaalverbruik van maximaal één procent.

Een echte loskoppeling komt er nog lang niet aan het vereiste tempo en de nodige omvang: kleinere materiaalstromen en goedkopere hernieuwbare energie kunnen geen boemerangeffect hebben door op zichzelf eeuwige economische groei te genereren. We moeten leren uit onze fouten en een model voor een werkelijke circulaire economie ontwikkelen dat niet ongecontroleerd uit de hand loopt.

In de tussentijd zijn de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDG's) van de Verenigde Naties de Corporate Social Responsibility (CSR) aan het bijstellen. We zitten niet op schema om deze tegen 2030 te halen. Het Sustainable Development Report 2019 roept op tot grootschalige transformaties en duidelijk roadmaps. Nog te veel bedrijven zijn bezig met 'greenwashing', 'SDG-spinning' of blijven stil over hun werkelijke CSR-prestaties. Zoals blijkt uit onze internationale en nationale KPMG-onderzoeken, zijn de reporting- en assurancepercentages inzake CSR uitzonderlijk laag in België. Een bredere invoering van de Global Reporting Initiative-normen (GRI) lijkt essentieel voor België om de rest van de wereld bij te benen. Onze evolutie naar duurzame financiering kan pas een katalysator zijn voor de werkelijke transitie van onze tastbare economie als we het huidige landschap met daarin 'vijftig tinten groen' afbouwen en een werkelijk onafhankelijk proces invoeren voor de controle van de impact.

Door aan de hand van onafhankelijke controles op gelijke termen te werken, wordt het mogelijk de winnaars van de toekomstige economie eerlijker te bepalen. Bedrijven die veinzen CSR na te streven, worden steeds vaker ingehaald door innovatoren die gedreven worden door een doel, ambitieuze en wetenschappelijk onderbouwde doelstellingen nastreven en hun producten en diensten heroriënteren om de gemeenschappelijke wereldwijde uitdagingen aan te gaan. De omvang van uw reactie op die pioniers zal de waarde van uw bedrijf in de wereld van morgen voortstuwen, dus er is een overtuigende zakelijke motivatie om verantwoord te handelen.

In haar 'Doughnut Economics'-model voor wereldwijd meer welvaart met oog voor het milieu,  maakt Kate Raworth een mooie samenvatting met haar weloverwogen oproep voor duurzame maatregelen:


"Wees geen optimist als je je hierdoor kunt ontspannen. Wees geen pessimist als je hierdoor opgeeft. Wees een activist en stel jezelf de vraag, wat kan ik doen?"